Bezige bijen

Vaardigheden
StemComputer Algoritme en procedure
StemComputer Debugging
StemComputer Decompositie van het probleem
StemComputer Parallellisme
StemComputer Simulatie en modelleren
Totale tijd
65'
Leeftijd
6 - 8 jaar
Materiaal
Unplugged

De leerlingen decoderen bijentaal en kunnen deze ook ‘lezen’. De code kan daarna gebruikt worden om net als een bij informatie door te geven over een voedselbron en zelf op zoek te gaan naar de voedselbron.

Bijen hebben het op dit moment heel moeilijk.  Naast pesticiden, verminderen van voedselbronnen door bebouwing, industrie en landbouw worden ze ook geplaagd door een ziekte waardoor massaal veel bijen sterven.   

Bij deze activiteit leren de leerlingen bijen en hun taaltje beter begrijpen zodat ze niet zomaar de vliegenmepper bovenhalen om ze te doden. 

In deze les staat de communicatie van bijen in de kijker.  

Vaardigheden computationeel denken

  • Decompositie van het probleem 
  • Algoritme en procedure 
  • Simulatie en modelleren 
  • Debugging 
  • Parallellisatie

Katholiek onderwijs

  • De leerlingen beseffen dat wat we hier en nu doen gevolgen heeft voor later en voor anderen elders op de wereld. (IVds2) 
  • De leerlingen gaan zorgzaam om met de schepping, ze zetten zich in voor een leefbare planeet. (IVds4) 
  • De leerlingen zijn nieuwsgierig naar en tonen bereidheid om het nieuwe te ontdekken en erover te leren. (IVoc2) 
  • De leerlingen ontwikkelen kaartbegrip, oriëntatie- en kaartvaardigheid. (OWru5)

Gemeenschapsonderwijs

  • De leerlingen tonen een explorerende en experimentele aanpak om meer te weten te komen over de natuur. (32102) 
  • De leerlingen hebben een houding van zorg en respect voor de natuur. (32102) 
  • De leerlingen kunnen de plattegrond oriënteren (richten) op basis van herkenningspunten in de werkelijke ruimte. (35501)

Onderwijskoepel van steden en gemeenten

  • De leerlingen tonen een explorerende en experimentele aanpak om meer te weten te komen over de natuur en het milieu. (WO-NAT-01.03) 
  • De leerlingen kunnen op ene maquette/plattegrond van de onmiddellijke omgeving als hulpmiddel gebruiken om hun weg terug te vinden. (WO-RUI-34c)

Hoe spreken bijen tegen elkaar?

Aanleiding van deze les kan zijn: een bij in de klas, een wero-thema, een muzische activiteit. 

Als voorbeeld nemen we de bijendans van Maya (tot seconde 56)

Basiscode begrijpen

De bewegingen die Maya maakt in haar dansje.

Bijencode ontleden

Wat moeten bijen elkaar vertellen? (hoe ver bloemen zich bevinden, in welke richting bloemen zich bevinden, waar de nectar is) 

 

Bekijk dit filmpje, 1 bij doet een bijendans.

Nectar verzamelen, concreet

Deze activiteit gaat bij voorkeur door op een groot terrein zoals de speelplaats, weiland, bos met open plek.  Op een poster hangt een tekening van de zon als oriëntatiepunt om de fiches juist te leggen.

Nectar verzamelen, schematisch

Elk kind krijgt een fiche op de bank.  Met potlood wordt de weg van de korf tot de juiste bloem getekend en terug.  De fiches worden om de x minuten doorgeschoven. 

Je tekent de weg die je aflegde.  

Reflectie

Differentiatie

Materialen

Per klas: 

  • Een duizendtal MAB-eenheden als ‘nectar’ (dit kunnen ook kroonkurken, knikkers, strijkparels… kleine voorwerpen zijn), 1 grasdal (honingraat) facultatief. 

NectarHoningraad

  • Fiches met code 
  • 16 potjes, botervlootjes (om de ‘nectar’ in de vier windrichtingen te verspreiden) 
  • 1 krijtje om een zon te tekenen op de grond, nog beter een tekening van een zon ophangen. 
  • 1 scherm om de bijendans te bekijken. 

 

Per leerling: 

  • 1 werkblad, 1 kleurpotlood, 1 kladblad, een schrijfpotlood

Groepering

  • Leerlingen werken individueel (werkblad achteraf) of met de hele klas samen (nectar verzamelen, gemeenschappelijk doel).

Nuttige vragen

1 Hoe spreken bijen tegen elkaar? 

  • Welke bewegingen maakt Maya in haar dans?  Bekijk het filmpje heel aandachtig. 

 

2 Basiscode begrijpen 

  • Welke bewegingen zitten in de dans? (draaien, wiebelen met je bips) 
  • Kan je daar een tekening van maken? (cirkelbeweging, zig-zagbeweging) 
  • Wat zou je bij je tekening kunnen voegen om de richting waar je naartoe stapt aan te geven zodat iedereen je symbool begrijpt? (pijl) 

 

3 Bijencode ontleden 

  • Welke bewegingen doet de bij? Omzetten naar schematische beweging op papier, zelfde blad. 
Beweging bij
  •  In welke richting bevinden zich de bloemen? (niet verwarren met de kleine pijltjes, deze zijn hoe de bij terugkeert naar de startpositie van haar dans) 
  • Kan de bij nog andere richtingen aangeven met deze dans?  Wat verandert er dan? (de pijl verandert van richting, hou je blad wel plat) 
  • Hoe weten we nu wat de bovenkant van ons blad met de bijendans is?  Hoe doen de bijen dit? (Ze gebruiken de zon) 
  • Dit is meteen hoe 1 code er uit zou kunnen zien op een fiche: 

         

Richting
  • Wat is het verschil tussen deze (onderstaande) en vorige dans? 
Afstand
  • De zigzagbeweging is veel langer.   
  • Wat zou dit kunnen betekenen? (de bloemen zijn verder weg) 
  • Wat zou deze dans dan kunnen betekenen? 
Draai

(De bloemen zijn heel dicht bij de korf) 

 

Ter info: elke seconde van de waggelbeweging betekent in het echt 1 km.  Voor deze activiteiten voorzien we dicht/ver/heel ver/superver (4 symbolen) 

 

4 Nectar verzamelen, concreet 

Spelregels: 

Elk kind (of per twee om te starten) krijgt een code en gaat op zoek naar nectar. Je mag telkens maar 1 nectarblokje meenemen en in de honingraat stoppen.  Klaar? Breng je fiche naar de leerkracht en je krijgt een nieuwe opdracht. 

 

Het kan zijn dat de leerkracht nu en dan een steekproef moet doen als controle. 

 

Afronden activiteit 

 

Bespreking: 

  • Hoeveel nectar is er verzameld? 
  • Wat ging goed, wat minder goed? 
  • Op welke manier zouden de bijen sneller kunnen werken? 

 

5 Nectar verzamelen, schematisch 

Plaats: klas 

Nodig: werkblad met codes (voor 4 windrichtingen zijn er 16 varianten mogelijk, er zijn 32 fiches).  Geef elk kind een werkblad.   

 

6 Reflectie 

  • Wat is er moeilijk aan bijencode? 
  • Wat ging er goed? Wat ging er minder goed?

Differentiatie

  • Variant: 8 windrichtingen, 32 varianten mogelijk (ook diagonaal, de tussenwindstreken) 
  • De fiches kunnen ook een Bee-Bot aansturen bij hoekenwerk. 
  • Hogere graden: Scratch programmeren (stuur de bij uit) 
  • De zon echt als referentiepunt gebruiken (een stok en zijn schaduw tonen de windstreken), de afwijking kan hier 45, 90, 120… graden zijn. 
  • Samenhang met een rekenles: in elk vakje van de honingraat mogen maar 6 blokjes zitten. 
  • Samenwerking: hoe vertel je aan een andere bij dat een bloemenveld (potje met blokjes) leeg is?  Kan je dit op zijn/haar werkblad markeren?  (doorgeven van informatie). 
  • Kan je ook meegaan naar een locatie met een andere bij om mee te helpen?  Je mag niet praten, alleen een waggeldans doen. 
  • Correctie: Bij fiches kan je telkens het werkblad controleren (past de code bij de afgelegde weg die getekend is op het werkblad?)  Dan pas opnieuw uitvliegen.